Zalvende mantra’s van de pro-hoest cultus

Met rokers onder m’n beste vrienden en familie past het mij geenszins om hen die noodgedwongen nicotine tot zich nemen de maat te nemen. Sterker, ik weet hoe vervelend dat is. Geprikkeld door marketing en rokende voorbeelden begon ik er ook aan, tot het moment kwam dat ik geen nee meer kon zeggen en mezelf voorhield dat ik een vrolijke, sociale roker was. Daarom is dit allesbehalve een aanval op rokers.

Ik begon dus met roken. Inderdaad, ik ben ermee begonnen, hetgeen onverlet laat dat ik behoorlijk werd aangemoedigd door een maatschappij die al generaties lang gewend was aan het feit dat roken normaal was, of op z’n slechtst, een luxe genotsmiddel. Gesteund door deze tijdsgeest heeft de stem van mijn verslaving zestien jaar op mij ingepraat om mijn nicotineprobleem te negeren.

Nogmaals, er is geen roker die ik dit kwalijk neem. Zij kunnen er immers weinig aan doen dat ik vroeger een liedje zong en hoopte dat ik 12 uur later chocoladesigaretten in mijn schoen zou aantreffen. Zij stuurden de Marlboro-manreclames niet op mij af terwijl ik in spanning op de bioscoopfilm wachtte. Noch hadden zij er schuld aan dat ik op mijn 13e een pakje Camel meekreeg in de Albert Heijn, zonder moeilijke vragen.

Toch voel ik me achteraf gezien wel gepakt. Niet door rokers dus, maar zeer zeker wel door de pleitbezorgers van de nicotine-economie. Zij waren succesvol in hun missie om mij aan de verwoestende sigaretten te helpen en ze slapen er nog steeds geen nacht minder om als ik longkanker krijg. Maar goed, zodra je beseft hoe nietsontziend deze mensen zijn dan helpt dat om ver van hun koopwaar te blijven.

Toegegeven, het helpt ook dat ze inmiddels netjes op hun louter giftige handel zetten dat het giftig is. Daarom zijn ze nog half zo eng niet als de mensen die zelf gevangen zitten in hun verslaving en andere (potentiƫle) verslaafden op het hart drukken dat het allemaal zo erg niet is. Het gaat hier om lieden die hun ontwenningsverschijnselen net zo lang relativeren dat het belangen worden. Inderdaad, naast pro-ana bestaat er dus ook iets als een pro-hoest cultus.

De grauwe teerverheerlijkers binnen deze beweging zijn zo verkleefd aan hun sigaretten dat ze hun “belangen” verdedigen door alle negatieve aandacht te verleggen naar kwetsbare mensen die een nog kortere levensverwachting hebben. Alsof het hebben van een psychische ziekte te vergelijken is en meer afkeuring verdient. Ze zijn nog net niet flink genoeg om dat punt met kinderkanker te maken.

Begrijp me niet verkeerd, het is nog steeds een recht om te roken en je bent absoluut geen beter mens bent als je niet rookt. Beschaving zit immers niet in de afwezigheid van een sigaret. Nee, beschaving is heel iets anders. Bijvoorbeeld iemand steunen als hij van zijn ziekmakende verslaving afwil. Precies dat is hetgeen waarover geluld wordt, al hebben sommige mensen genoeg zalvende tabaksmantra’s om zo’n goed voornemen de nek mee om te draaien.