De deurbel rinkelde ruim voor klokslag één, het tijdstip waarop we afgesproken hadden. Nadat ik de post van de kokosmat gepakt had opende ik de voordeur en bood mijn hand aan. Het was m’n maatschappelijk werker. Inderdaad ja, die heb ik, dat mag jij best weten. Deze schrandere, jonge man helpt mij de hoeveelheid structuur in m’n leven op te krikken. Met alle winst die ik op dit terrein nog kan boeken bepaald geen hulp die ik wil laten liggen. Als ik hem een kop koffie aangeboden heb open ik mijn post en zie een stembiljet voor de voor de Europese verkiezingen van 23 mei aanstaande verschijnen.

En zo begint ons gesprek aan de eettafel met een thema waarvan vijftien jaar geleden in mijn salestraining bij de bank werd gezegd dat je deze ten alle tijde moet mijden in een gesprek waarin professionele belangen spelen: politiek. Want ja, je zou maar iets fundamenteel anders kunnen geloven of denken dan je klant, en zie dan nog maar iets te verkopen. Laat staan dat de gemoederen sowieso behoorlijk verhit kunnen raken als het over politiek gaat. Maar gelukkig voelt mijn maatschappelijk werker zich toch vrij genoeg om over zijn aanstaande stem te praten. 

Gelukkig zeg ik, omdat in mijn huis alle politieke geluiden mogen klinken, zolang ze maar democratisch zijn en geen wetten aan hun laars lappen. Toch blijkt later dat het extra bijzonder is dat mijn maatschappelijk werker open is over zijn politieke kleur, hij is immers voornemens Forum voor Democratie te gaan stemmen. Dus ja, als gevolg van hele stevige en felle reacties daarop houdt hij zijn voorkeur voor Thierry Baudet cum suis normaal liever voor zichzelf. 

Let wel, om meerdere redenen is het voor mij onmogelijk te gaan stemmen op Forum voor Democratie. Onder andere om het feit dat ik tegen referenda ben en bovendien zou ik graag zien dat Europa niet zwakker, maar veel sterker wordt. Het werk van de Amsterdamse FvD-voorvrouw ‘Bel’ Nanninga kon mij al bepaald niet bekoren en ook stuitend vind ik dat geflirt met (het gedachtegoed van) mensen voor wie huidskleur schrijnend genoeg een onderwerp is en zal blijven.

Toch zie ik, linkser met de jaren en werkzaam in het HBO-onderwijs, Forum voor Democratie nog wel als een aanwinst. Want eerlijk, hoezeer ik het ook met deze partij oneens ben, zij zijn het levende bewijs dat onze democratie nog werkt; dat nieuwe, en breed gedragen geluiden serieuze macht kunnen vergaren in ons land. En hoe onfatsoenlijk of populistisch men FvD ook mag vinden, zolang politieke onvrede omgezet wordt in stemmen is het gewoon rechtvaardig dat ze er zijn.

Daarom zou ik tegen alle mensen die boos zijn over de opkomst van FvD willen zeggen: troost je met de gedachte dat de politieke macht in Nederland behoorlijk versplinterd is na al die jaren van verharding in het politieke debat en niet door mensen die heel anders stemmen belachelijk of zelfs zwart te maken. Iets dat je nu wél kunt doen om de FvD-trend te breken is zelf een andere stem uitbrengen. Of een partij oprichten met een nieuw geluid, zoals de de moedige mensen van de eerste echte, Europese partij Volt deden.

M’n maatschappelijk werker en ik zijn er inmiddels uit. Of “mijn” Volt “zijn” Baudet op 23 mei aanstaande zal verslaan is natuurlijk maar zeer de vraag, maar we stemmen allebei naar volle overtuiging en in de wetenschap dat, zolang de democratie overeind blijft en wetten gerespecteerd worden, we allebei winnen.