Inmiddels kijk ik terug op een carrière van een goed decennium. Want na een jaar traineeship solliciteerde ik zo’n tien jaar geleden naar een eerste “echte” functie als beleggingsadviseur bij een grote bank. Tot mijn grote geluk werd ik niet veel later aangenomen en heb ik de drie daarop volgende jaren gewerkt als een soort pontkapitein tussen Main Street en Wall Street.

Tegenwoordig is dat haast een eufemisme. Ik vervoerde namelijk consumenten en hun geld naar de beurs, en rond de jaren van de kredietcrisis betekende dat zeker niet dat ook alle schaapjes droog aan de overkant kwamen. Al waren er ook genoeg lieden die met een eigen boot weer terugkwamen, om er maar even in te blijven.

Tien jaar later is veel van mijn financiële vakkennis verwaterd, maar een aantal beurswijsheden staan me nog goed bij. Zo zei superbelegger Warren Buffet ooit dat je hebberig moet zijn als de rest angstig is. Een andere wijsheid luidde: vertrek in mei, maar vergeet niet terug te komen in september. Immers, zomer betekent: vrouwen bloot, handel dood.

Dat die beurswijsheid over september klopt heb ik zelf ook dit jaar weer aan de lijve ondervonden.

Want los van mijn vaste werkzaamheden bij HVO Querido en de Volksbond in Amsterdam ben ik deze maand ook op de Universiteit Utrecht geweest voor een gastcollege, heb ik een minisymposium bij Altrecht voorgezeten, mocht ik een lezing geven op het Te Gek?! Festival in Bunnik én over mijn persoonlijke ervaringen vertellen bij het aanjaagteam Verwarde Personen.

Genoeg moois dus, om de dagen door te komen. Toch was de koek daarmee niet op, want september 2015 was ook de maand waarin ik de eer had om samen met collega Tim Kreuger het FACT-congres voor te zitten. En daar wil ik nog even wat over kwijt. Want over druk gesproken…

Natuurlijk, een prachtige locatie als het Muziekgebouw aan ’t IJ en namen als Jacobine Geel en Victor Mids staan garant voor aanloop. Dan kan het gebeuren dat je door de kaarten raakt en wat bij moet drukken. Maar als je ruim voor het congres, met de teller op bijna 700 mensen, stoïcijns nee moet verkopen dan weet je dat er iets verwacht wordt.

Druk dus. Gelukkig konden de bijdragen van Andries Baart en Remmers van Veldhuizen de verwachtingen van de volle zaal waarmaken. En afgaand op het geluid van de overweldigende ovatie die Irene van de Giessen kreeg dacht ik even dat Beyoncé van het podium afstapte.

Maar ook buiten het plenaire programma was er veel te beleven. Uit een selectie van ruim 60 inzendingen bezochten de bezoekers ’s middags 41 sessies en workshops tijdens het kennisfestival. Zelf heb ik naar Harry Gras van Altrecht geluisterd, die haarfijn uitlegde waarom hij pro-agressie is. En ik heb een (wederom) indrukwekkende en relevante film van Bas Labruyere gezien, ditmaal over trauma en psychose.

De enthousiaste reacties van de deelnemers rechtvaardigen dan ook de enorme complimenten die de organisatie toegekomen zijn. Met een uitstekend stel mensen hebben Marja Roedolf en Ronald van Gool een topcongres neergezet, in omstandigheden vol uitersten.

Het gekozen credo -hier wordt aan herstel gewerkt- was zuinig noch overdreven. Was het niet om de geweldige inhoud van het programma, dan wel om het feit dat ik de hele dag niets anders gedaan heb. En voor het vertrouwen dat ik hiervoor gekregen heb ben ik heel erg dankbaar.

Al met al heb ik genoeg beleefd om in mei 2016 voor de komende tien jaar op vakantie te gaan. Maar bij nader inzien ben ik waarschijnlijk toch al wat eerder terug. Hoe dan ook op 22 september, voor het volgende FACT-congres in Eindhoven.